Jonge vogels

Ieder voorjaar wordt onze meldkamer van onze dierenambulance  overspoeld door telefoontjes over gevonden jonge vogeltjes. In de meeste gevallen hoeft onze dierenambulance daar niet voor te komen. Het is volstrekt natuurlijk  dat jonge vogels op de grond terecht komen. Als ze groot genoeg zijn, moeten ze leren leven in de natuur. Dat lukt niet vanuit het nest. De oudervogels begeleiden hun kroost vanaf de grond waar ze leren lopen, springen, vliegen en eten zoeken. Zo worden ze volwassen.

Als jonge vogels er sterk en gezond uitzien (ze zijn mollig genoeg en kunnen zich vrij makkelijk voortbewegen) en als je de ouders van jonge vogels in de buurt ziet, hoef je je in eerste instantie geen zorgen te maken. De vogels zijn het beste af als ze gewoon nog worden opgevoed door hun ouders.

Laat een schijnbaar hulpeloos vogeltje dus altijd zitten. Zodra u weg bent, komen de ouders weer tevoorschijn om het jong te voeren. Uw ‘hulp’ kan zelfs schadelijk zijn. Het bezorgt ouders en jongen onnodig veel stress en dat vermindert de kans op overleving. Slechts in sommige gevallen is een helpende hand wél gewenst. Bijvoorbeeld als een jonge vogel midden op het fietspad zit of langs een drukke weg; verplaats hem dan een meter, naar de berm of struikgewas bijvoorbeeld. Probeer uw katten gedurende die paar dagen (hoe ongemakkelijk ook) binnen te houden.

Bij twijfel kunt u altijd contact opnemen met onze meldkamer 0900 - 4035009

doneren.png